Toekomstperspectief

Kerncentrales

Het afschakelplan dat hier besproken werd, kwam in de zomer van 2014 in de media door het uitvallen van enkele kerncentrales in België. Hierdoor was het onzeker of de energiebevoorrading gewaarborgd kon blijven en bestond de kans dat grote regio’s zonder stroom zouden vallen tijdens de piekmomenten.

Voor de winter van 2014-2015 bleek er uiteindelijk geen probleem te zijn wat de stroombevoorrading betreft en moest het afschakelplan niet toegepast worden. Dit betekent echter niet dat dit probleem meteen opgelost is en dat er voor de volgende jaren ook voldoende stroom beschikbaar zal zijn. Door de wet van 31 januari 2003 betreffende de geleidelijke uitstap uit kernenergie voor industriële elektriciteitsproductie, zal het aandeel kernenergie in België geleidelijk aan afnemen. Onderstaande tabel toont voor de verschillende kernreactoren de geplande sluitingsdata die vastgelegd zijn bij wet.

Geplande sluitingsdata kernreactoren (WET 31 januari 2003)

Geplande sluitingsdata kernreactoren (WET 31 januari 2003)

Het totale aandeel kernenergie in het Belgische productiepark is ongeveer 38,5% en zonder nieuwe vormen van energieproductie zullen deze sluitingen zonder twijfel problemen opleveren wat de elektriciteitsbevoorrading betreft.

De federale regering is zich ook bewust van dit probleem en wil de kerncentrales langer openhouden. Of dit effectief zal gebeuren is echter op dit moment nog hoogst onzeker.

Doelstellingen klimaat en energie

De toekomst van de kerncentrales blijft onzeker en de groeistrategie Europa 2020 stelt volgende doelstellingen op wat betreft energie en klimaat:

  • 20% minder uitstoot van broeikasgassen dan in 1990
  • 20% van de energie uit duurzame energiebronnen halen

In 2014 stootte België 15% minder broeikasgassen uit dan in 1990 en bedroeg de duurzame energieproductie 13%. Op korte termijn is er dus nog werk aan de winkel en ook op lange termijn wordt gezocht naar meer duurzame energie-alternatieven. In 2011 werd door de vier Belgische ministers bevoegd voor energie een consortium samengesteld om de haalbaarheid van een 100% hernieuwbaar energiesysteem tegen 2050 te onderzoeken.

Integratie hernieuwbare energiebronnen

Wanneer dit onderzoek gevoerd wordt, zal ook rekening gehouden worden met het toekomstperspectief van het elektriciteitsnetwerk. Het huidige elektriciteitsnet is opgebouwd vanuit de oudere elektriciteitscentrales en een groot deel van de energieproductie komt vanuit de kerncentrales in Doel en Tihange. Het is dan ook logisch dat bij de opbouw van het netwerk hiermee rekening gehouden werd.

Nieuwe technologieën zoals wind- en zonne-energie kunnen overal in het territorium ingeplant worden, maar is dit wel mogelijk voor het elektriciteitsnet zoals het er de dag van vandaag uitziet? Dit probleem heerst nu al bij de windmolenparken in de Noordzee. De elektriciteitskabels in de kustgemeenten en rondom zijn niet voorzien op het transporteren van een grote hoeveelheid stroom waardoor het aantal windmolens of andere energieproductie aan de kust gelimiteerd is. Op dit moment wil Elia dit probleem aanpakken door een nieuwe hoogspanningsleiding aan te leggen tussen Zeebrugge en Zomergem (Stevin project). Deze verbinding is bovendien noodzakelijk om de connectie te maken met het elektriciteitsnet van Groot-Brittannië (project Nemo).

Op 4 juni 2014 heeft de Vlaamse Overheid een stedenbouwkundige vergunning verleend aan Elia voor het Stevin project. Hierbij moet wel opgemerkt worden dat de vergunningsprocedure ongeveer vijf jaar in beslag nam en het zal zeker nog eens drie jaar duren tot de effectieve ingebruikname. Op deze manier komt de geplande kernuitstap in 2025 ook zeer dichtbij.

Terug                    Verder

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

Translate »